Doneren 

Wil je Harry en Lisette steunen?

Het was een paar weken voor kerst. Hij, ik noem hem in deze column Simson, hij had besloten eerder naar huis te komen. Simson had al meerdere pogingen ondernomen om te vechten tegen het monster en demon verslaving. 

Simson zegt het zo: ‘Harry, ik weet niet wat het is, het is een monster, een demon die me te pakken krijgt, ik moet me wapenen met het woord. Het woord is God. Alleen het geloof kan me van die demon afhelpen. De demonen beginnen boosaardig tegen me te praten, dat ik niks waard bent en voordat ik het weet sta ik weer in het park. Gelukkig heb ik een goede vriendin, ik ga de boom neerzetten en ik voel het, deze keer gaat het goedkomen.’

We spraken hem bijna elke dag. Mooie gesprekken aan de eetkamertafel. Zijn steun en toeverlaat, de bijbel, lag vaak opengeslagen naast hem. 

Vol veerkracht en power vertelde hij dat de demon hem niet meer te pakken kon krijgen. We spraken met hem af dat als de stem van de demon maar heel even naar boven zou komen, dat hij ons dan zou bellen of een appje zou sturen. Ons maakte het niet uit wanneer, overdag, weekend, s ’nachts. We wilden niet dat hij naar de Filistijnen zou gaan. 

‘Hand erop’, zei hij.

God bestaat

Een paar dagen later, net voor het weekend, waren mijn collega en ik vroeg op pad. Huisbezoeken en contact maken met de gasten op straat. Ons bovennatuurlijk weten (intuïtie), kwam onbewust naar boven. 

We waren net weg op ons stalen ros, we keken elkaar aan en zeiden: laten we toch maar voor de zekerheid de sleutel meenemen van het huis van Simson. Simson verbleef tijdelijk op een beschermde woonplek in de overgang naar zijn eigen stek.

Toen we aankwamen bij de woning, vertelde een zelfgeschreven brief op het raam eigenlijk al genoeg. We kregen via de brief groen licht om naar binnen te mogen komen. De kerstboom was prachtig versierd en op de eettafel lag de bijbel open. Ik keek er vluchtig in en zag dat hij gebleven was bij het verhaal van de Filistijnen.

We troffen Simson boven in zijn kamer aan. Hij was daadwerkelijk naar de knoppen.

Een paar dagen later, toen hij weer boven Jan was en wij hem spraken, bedankte hij ons en was hij toch blij dat we er op tijd bij waren. Wederom had het demon hem verslagen. Desalniettemin haalt Simson ergens de veerkracht vandaan om het te blijven proberen. In zijn innerlijke strijd is hij David en hoopt hij dat de steen een keer echt goed raak is tegen het grote voorhoofd van de reus.

Onthutst en vol verbazing spraken we na dit voorval met elkaar over het begrip ‘dé sleutel’. Het begrip ‘dé sleutel’ kan je vanuit verschillende perspectieven benaderen.

We namen intuïtief de sleutel mee, wat we anders nooit doen. Is dit mogelijk de sleutel tot bewustwording? Is dit de sleutel van ‘dit nooit meer’? Zou hij de sleutel gevonden hebben om beter om te gaan met de demonen? De sleutel tot de werkelijkheid onder ogen zien? De sleutel naar eerlijkheid? De sleutel die leert dat wij hem niet mogen laten vallen? De sleutel van het niet meer simuleren? De sleutel dat van het ‘niet weten’?

Na dit bijzondere voorval in zijn en in mijn leven, kreeg ik thuis het boek dat ik had besteld. Het is een oud boek van Godfried Bomans, De wonderbaarlijke avonturen van Baron van Münchhausen met prenten van Gustave Doré.

In de inleiding vertelt Godfried Bomans, dat hij, als hij psychiater was, de mensen niet van hun fouten zou afhelpen. Hij zou zeggen: Goed, dit zijn uw gebreken. En nu: wat doet u ermee? Hij vertelt verder dat de meeste mensen wortelen in tekortkomingen en wie zich werkelijk verdiept in de levens van hen die op de aarde iets gepresteerd hebben, wordt telkens getroffen door het verschijnsel dat de eigenlijke kracht van die mensen een gebrek geweest is. Dat gebrek werd omgebogen tot een kwaliteit. En hoe dieper men kan zinken, des te hoger men kan stijgen.

Vervolgens vertelt hij dat Raspe (1737), de schrijver van dit tweehonderd jaar oude boek, een totaal mislukt leven heeft geleid. De man had een grenzeloze grootheidswaan en een ogenschijnlijk volstrekt onvermogen op alle levensgebieden. Al die tekorten stelden hem in staat om het enige te schrijven dat er van hem bewaard is gebleven: De avonturen van Baron van Münchhausen. Hij heeft iets onvergankelijks geschapen. Ondanks al zijn tekortkomingen hoefde hij niks meer te simuleren en heeft zijn gave toevertrouwd aan het papier.

In het de tweede week van dit jaar trof ik Simson weer aan. Hij stond bij de oude stadsmuur. De inleiding van Godfried zat in mijn hoofd, ik was blij hem aan te treffen. De demon had hem ‘niet’ te pakken. Hij was daar en begroette me vriendelijk.

De dooier en het eiwit

 De kunst is te blijven geloven in hem en in jezelf. Het is zoiets als de dooier en het eiwit, waaruit het lelijke jonge eendje tevoorschijn is gekropen. Simson heeft talenten. Als hij zich door zijn ondeugden laat leiden komt de steen uit de katapult een keer goed terecht en ontdekt hij zijn talent. 

‘Dat wat voor Simson geldt, geldt ook voor mij en ons.’

About the author 

HarryGras

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}
>