Doneren 

Wil je Harry en Lisette steunen?

Harry Gras

___________

CONTROLEDRIFT

Een half jaar gelden brak mijn kies af. Er was niks meer aan te doen. Ik kon kiezen of ik de gewoonte wilde ontwikkelen om steeds met mijn tong langs de holle opening te gaan of dat ik een implantaat zou nemen. Ik denk dat ik in staat ben om een weloverwogen beslissing te nemen. Ik ben goed verzekerd en dus koos voor dat implantaat. Het plaatsen van zo’n implantaat zelf is niet moeilijk. Het is ‘gewoon’ zeven keer op je afspraak komen.

Maar nu raak ik het overzicht kwijt. Ik krijg verschillende rekeningen en ook verschillende rekeningen niet. Wat moet ik uiteindelijk betalen? Wat moet ik terugvragen en wat niet? Welke rekeningen moet ik opsturen? Aan welke eisen moet ik voldoen?

Tandenknarsend, wat ik weer kan, probeer ik wijs te worden uit de wirwar van regels. Ik merk boosheid. Verdomme! Waarom maken ze het zo ingewikkeld! Ik merk bij mezelf ook angst. Heb ik de rekening wel betaald? Mis ik niks? Want ik wil niet dat er een betalingsherinnering komt. Kortom, ik heb stress.

Nou wil ik hier geen zielig verhaal over mezelf vertellen. Ik wil ook geen medelijden, want ik loop hierin niet vast. Ik wil alleen een bruggetje slaan naar de medemens die echt geen weg weet in onze upload-wereld. Die wereld van regeltjes en de juiste formulieren.

Ik denk daarbij onder andere aan John, die twee jaar geleden bij ons werd aangemeld. John is een man van midden 50. Hij had na 30 maanden de bajes verlaten met een plastic zak. De aanmelding kwam alleen veel te laat binnen, waardoor deze meneer zich weer moest melden bij het daklozenteam. Dat was doodzonde, want daar gaan weer: de nachtopvang in. Probeer je dan maar weer staande te houden en je moet sowieso geluk hebben of er wel een geschikte slaapplaats is. Het is een route die makkelijk overgeslagen had kunnen worden.

Ik denk ook aan een vader van vijf kinderen. Hij gaat scheiden en wordt dakloos, komt in de nachtopvang. Hij zoekt zelf een baan. Hij probeert alles om uit zijn netelige situatie te komen. Maar wat hij ook doet, hij wordt steeds weer teruggefloten door de regels. Ik zal u één voorbeeld noemen, want anders wordt deze column te lang.

Het is maar een kleinigheidje, de autoverzekering van het gezin staat op zijn naam. Maar zonder dat hij het wist, was hij uit de verzekering gegooid. Waarom? Hij had geen idee. Je kan de maatschappij niet bellen, hij heeft geen laptop en niet de vaardigheden om te mailen. Bij navraag door de hulpverlening blijkt zijn verzekering gestopt omdat hij geen woonadres meer heeft.

Het wegvallen van die verzekering heeft grote gevolgen, zeker in samenloop met andere kleine vergissingen in de bureaucratie. Zijn dochter heeft syndroom van down en omdat het formulier van het taxivervoer van de gemeente niet goed was ingevuld, kwam de taxi niet meer. Nu kon ze ook niet meer met de auto worden gebracht, omdat die niet meer verzekerd was. Daarnaast is zijn werk niet met openbaar vervoer te bereiken, dus ook dat valt weg.

Hij verblijft in de nachtopvang. 15 kilo lichter, angstig, wanhopig met weinig zicht op een goede oplossing. Hij zegt meerdere malen ‘het hoeft voor mij niet meer’. Ondertussen belt zijn baas. Die vertelt dat het een prima vent is en hard werkt. Hij vraagt om opheldering over de situatie omdat hij niet begrijpt wat er allemaal aan de hand is. Ik kan het ook niet begrijpen en ik probeer het zijn baas duidelijk uit te leggen. Maar eigenlijk is hier geen touw aan vast te knopen.

We moeten af van de term kwetsbare medemens. In deze maatschappij bakkeleien we overal over en dat maakt ons allemaal kwetsbaar. We zijn zo angstig als de pest. Dat komt door al die heilige regels. De controledrift is geboren uit wantrouwen en angst om samen iets te doen. Niemand wil de eerste handreiking doen. Door de controledrift en de verstikkende regels wordt die handreiking steeds moeilijker. Ook de hulpverlener raakt in een spagaat, want het is onmogelijk om alles te weten. Er is steeds meer hulp nodig in dit doolhof.

Even terugkomend op John. Die zit nu al twee jaar goed op zijn plek. Hij heeft zijn eigen zelfstandige woning. Ik hoop dat hij altijd in zicht blijft en dat hij de weg terug naar ons weet te vinden, mocht hij weer ondersteuning nodig hebben.

Ik koester wat hij zei toen we afgelopen vrijdag met het hele FIT-team afscheid van hem namen en we tegen hem zeiden dat hij er zeven nieuwe vrienden bij heeft.

‘Ik ben thuis, wel voeten vegen als je binnenkomt.’

About the author 

HarryGras

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}
>