Doneren 

Wil je Harry en Lisette steunen?

Column: Harry Gras

______________

ZE ZOEKEN HET MAAR UIT

Het Flexibel Integraal Team (FIT) van Lister bestaat nu zo’n tweeënhalf jaar. Dit team
is ontstaan vanwege het feit dat er in het Utrechtse ongeveer 50 mensen zijn
waarmee het op een of andere manier niet lukt om hen in zorg te krijgen. In het
tafeloverleg genaamd het Casus Overleg Multiproblem (C.O.M.P.) kwamen deze
mensen op een langlopende lijst. Je kan het ook wel een zorgverlammingslijst
noemen. Dat laat de taligheid zien waarmee gesproken wordt over deze mensen. Die
laat nog weleens te wensen over en zo ontstaat er al gauw een beeld van ‘daar is niks
meer aan te doen’. De uitstoting is compleet.
Ik vertik het om te gaan denken in de vorm van ‘daar is niks meer aan te doen’ of ‘zij
staan buiten de maatschappij’, alleen al omdat niemand buiten de maatschappij kan
staan. Iedereen hoort erbij.
Hulpverlening is vervreemd
Allereerst willen we bij FIT begrijpen waarom deze groep mensen geen hulp vraagt en
vervreemd raakt. Dat heeft in mijn ogen onder andere te maken met hoe
hulpverleners erin staan. Eigenlijk zien we bij hen steeds hetzelfde patroon. We leven
in een snelle en veeleisende maatschappij. Er zijn veel regels en verplichtingen en
deze mensen moeten veel kunnen, tegelijkertijd en snel handelen. In mijn 40 jaar van

ervaring zie ik hoeveel medewerkers van instellingen gescheiden raken van hun
morele bronnen, dat van wat ze het liefste zouden willen doen. Vanuit de instellingen
worden grenzen gesteld, handelen volgens regels, protocollen en raken steeds meer
verstrikt in de vooroordelen en aannames richting de cliënt en zo wordt deze
onbewust afgestoten. Al die regels en procedures zijn killing voor je creativiteit en
talenten. De cliënt is hiervan vaak de dupe en die keert zich ervan af. Zo ontstaat er
een groep die zorgmijders worden genoemd.
Overigens is dat opnieuw een totaal onterechte benaming. Dat zal ik uitleggen. Op
nummer 1 van wat je voor geluk nodig hebt staat autonomie. Mensen willen zelf
sturing kunnen geven aan hun leven. Daarbij hoort een zekere mate van vrijheid en de
mogelijkheid om zelfstandig beslissingen te kunnen nemen. Op de tweede plaats
staat het hebben van zinvolle relaties en het hebben van dierbare mensen om je heen
met wie je een en ander deelt in het leven. De derde plaats is het hebben van een
zinvolle bezigheid, zoals werk. De mensen die wij bedienen scoren niet hoog op deze
drie pijlers en ze komen vaak met de omgeving in conflict. Ze worden als probleem
gezien, ook door de hulpverleners. Maar niemand wil als probleem gezien worden.
Het is daarom iets beter te begrijpen waarom mensen niet om hulp vragen. Iemand
ervaart het probleem niet als zodanig of wenst niet als probleem gezien te worden.
Dat kan immers de autonomie aantasten of pijnlijk duidelijk maken dat iemand
maatschappelijk niet mee kan komen.
Is dit proces nou typisch Utrechts of is het universeel? En creëren wij onze eigen
doelgroepen niet met onze benamingen, zoals ernstige psychiatrische aandoeningen
(E.P.A.) of de afdeling voor persoonlijkheidsstoornissen? Ik hoor nu soms zelfs dat
iemand een “Fit-klant” is. Dat is weer die taligheid in de zorg die totaal los staat van
de belevingswereld van de mensen. Wat bedoelen we met de benamingen generalist,
herstelcoach of GGz-specialist? Je zal er maar een afspraak mee hebben of op zo’n
afdeling terecht komen. Wat een welkom! Je hebt een afspraak met een GGZ-
specialist op de afdeling persoonlijkheidsstoornissen. Eigenlijk allemaal
ziekmakende benamingen. Ik weet ook niet of ik op zo’n afspraak zou verschijnen.
Ik wil dus maar gezegd hebben dat ik al lang mijn bedenkingen heb bij de taal die we
gebruiken, voor ik in deze column de overgang maak naar deze week. Deze week liep

een directrice behandelzaken van een instelling uit het zuiden twee dagen met me
mee. Zij doet een leergang van 1 jaar. Ze gaat bij verschillende instellingen in de
keuken kijken hoe ze werken en ze is vooral geïnteresseerd in vanuit welke waarden
er gewerkt wordt. Ze had me horen spreken op een Webinar en hoorde van het FIT en
vertelde dat ze dat ook wil in Tilburg. “Want bij ons in Tilburg hebben we ook een
groep van 40 à 50 mensen waarbij het de instellingen niet lukt hen passende
hulpverlening te bieden.” Ze heeft Lister onder andere gekozen omdat bij Lister vanuit
de waarde Herstel gewerkt wordt. Maar ja wat is dat dan?
Op Pad
Ik pik haar op bij Enik recovery college op weg naar John. John die zeven jaar
dakloos is geweest en rondzeulde in Utrecht met zijn boodschappenkar. In zijn
boodschappenkar zaten al zijn waardevolle spullen. Hij had problemen met zijn
omgeving en werd veel bekeurd. Hij sliep nooit in een maatschappelijke opvang, want
dat vertrouwde hij niet. Hij zei: ‘ik red mezelf wel”. Sinds kort zit hij in een
appartement. Hij voelt zich niet goed en heeft niks te doen. Hij denkt dat het door de
medicatie komt en is bang dat de politie hem oppakt vanwege de erfenis van de
dakloosheid.
Ons volgende bezoek is Karel. Karel gaat van detentie naar detentie. Hij vertelt dat hij
elke detentie verlaat vanuit de separeer. “Ze hebben dan weer van die medicatie
gegeven die geen moer helpt. Ik ga nergens meer heen, niet naar nachtopvang of
Leger des Heils nergens meer ze zoeken het maar uit. Elke keer weer dan die
hulpverlener en dan weer die hulpverlener. Weer het hele verhaal vertellen steeds
maar weer hetzelfde verhaal.” We hebben letterlijk de deur voor hem opengezet. Wat
betekent dat? We hebben hem een sleutel gegeven van een woning en gezegd ga
maar kijken wat je ervan vindt? Hij zit er nu een maand en heeft zelf besloten dat hij
een proefcontract ondertekent. Als we binnenkwamen zit hij samen met zijn zus op
de bank.
Ons volgende bezoek is Pim. Pim heeft 7 jaar in een gesloten instelling gezeten. Kort
gezegd waren hij en die instelling elkaar beu, wat weer leidde tot allerlei escalaties.
Met de nodige inspanning van veel betrokken partijen zit hij nu in een krakerswoning
en zijn we samen bezig om spullen te regelen en over hoe hij het wil hebben. We

komen aan en hij begroet ons vriendelijk. Hij vertelt geanimeerd over wat hij gegeten
heeft en wat hij zelf gemaakt heeft.
Herstel?
Op de fiets terug vraagt mijn gezelschap aan mij wat ik versta onder Herstel? Jeetje,
ik weet het eigenlijk niet zo goed, zeg ik. Ik ben zoekende. Ik vind het eigenlijk een
rotwoord en weet niet zo goed waarom. Ik vind het mooier dat zij vertelde dat bij hun
instelling niet meer gesepareerd wordt, voorkomend vanuit de waarde “we willen
mensen geen schade berokkenen”. Ik vind dat veel pakkender dan het woord herstel.
“Goh”, zegt ze, “jij bent de eerste die zegt dat je zoekende bent”.
We kletsen verder en ze vertelt dat ze in Limburg de mountaintrail van 100 km heeft
gelopen. Ze was kapot en had last van blaren. Ze bedankt me voor de twee dagen en
zeggen elkaar dat we contact houden.
Op weg naar huis blijft het woord Herstel me bezighouden. Ik denk aan de blaren die
ze had. Blaren verdwijnen weer en normaal is dat een natuurlijk proces en je huid
herstelt. Of het herstelt op een andere manier en dan kan het een gevoelige plek
blijven. Zo kan ik maar blijven door mijmeren over dit proces. Waar eindigt dit
proces? En wie ben ik om te bepalen of zicht te hebben op iemands herstel. Mag ik
wel bepalen wat het woord betekent? Bepaalt niet diegene zelf zijn eigen definitie
over wat herstel is en wat het voor hem betekent?
Bepaalt de groep van 50 mensen in Utrecht of Tilburg of elders niet zelf wat herstel
voor eenieder betekent? Wie bepaalt wanneer je hersteld bent? Is John, Pim of Karel
nu hersteld? Of is ons systeem wel hersteld? Zorgen wij er met onze vastgelegde
betekenissen niet voor dat deze mensen klem komen te zitten en blaren krijgen? En
wat doet dat met hun identiteit?
Harry Gras is sociaalpsychiatrisch verpleegkundige bij het FIT team Lister. FIT wil
met praktische en persoonlijke hulp een oplossing zijn voor zowel zorgverlamming
vanuit de hulpverleners als de zorgmijding vanuit cliënten. Harry is zich ervan bewust
dat hij misschien voor twee procent invloed heeft op iemands leven. Maar hij wil alles
uit de kast halen om de verbinding aan te gaan en zijn medemensen een duwtje in
de rug te geven, zodat die weer hun eigen route kunnen volgen.

About the author 

HarryGras

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}
>